Hofstad Catechismus – Vraag 58

Wat doet ballingschap met jou?
– naar aanleiding van prekenserie over ‘Leven in Ballingschap’ (Daniël 1,3 en 6; en Ester 4).

 

Jeremia 29: 4-7
Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël, tegen de ballingen die hij vanuit Jeruzalem naar Babel heeft laten voeren: Bouw huizen en ga daarin wonen, leg tuinen aan en eet van de opbrengst,  ga huwelijken aan en verwek zonen en dochters, zoek vrouwen voor je zonen en huw je dochters uit, zodat zij zonen en dochters baren. Jullie moeten in aantal toenemen, niet afnemen.  Bid tot de HEER voor de stad waarheen ik jullie weggevoerd heb en zet je in voor haar bloei, want de bloei van de stad is ook jullie bloei.


NB
Dit materiaal is gemaakt naar aanleiding van drie preken over het boek Daniël, die gehouden werden op 21 en 28 augustus en 4 september (op 11 sept. volgt nog een preek over Ester). Deze preken zijn evt. terug te luisteren via de website www.ichthuskerkdenhaag.nl .

1.Intro
Op de startzondag hebben we geoefend met de vragen:
– Wat heeft God je door middel van deze preek/preken gezegd?
– Wat ga je daar mee doen?
Neem een tijdje stilte om nog een keer over die twee vragen na te denken. Vraag wie hun antwoorden op deze vragen willen delen, en bespreek dat daarna met elkaar

 

  1. Verwerking

 

  1. Daniël 1; hoe voorkom je assimilatie
    Lees eventueel eerst samen nog een keer hoofdstuk 1 van Daniël.
    Je ziet hier een slimme poging van Nebukadnessar om de jonge elite uit Juda te laten opgaan in zijn rijk: – ze krijgen andere namen (verwijzend naar de goden van Babel)
    – ze krijgen een opleiding in de heidense Babylonische wetenschap
    – ze eten mee van de tafel van de koning.
    Bespreek dit hoofdstuk aan de hand van de volgende vragen:
    – Wat valt je op in de opstelling van Daniël en de zijnen?
    – Daniël en zijn vrienden werden in een keer van een vertrouwde kerkelijke omgeving overgeplaatst naar het wereldse Babel. Daar leek God ver weg, en hadden de babylonische goden het voor het zeggen. Heb je wel eens iets dergelijks meegemaakt in je eigen leven? Kun je zeggen dat de situatie van christenen vandaag, zeker in de stad, lijkt op die van Daniël in ballingschap?
    – Ervaar je zelf ook iets van de zuigkracht van ‘Babel’? Hoe en waar trek jij je grenzen?
    – In ballingschap terecht komen lijkt alleen maar verlies. Zijn er ook winstpunten?
  2. De effecten van ballingschap

Ballingschap betekent dat je van een wereld waarin God en geloof vanzelfsprekend zijn terecht komt in een wereld waar God geen rol lijkt te spelen en andere machten het voor het zeggen hebben. Dat lijkt dus op wat we als christenen meemaken in een steeds onchristelijk wordend Nederland.
Je kunt daar op verschillende manieren op reageren:
a. Je lijdt eraan; het is een trauma (Hoe kan ik Gods liederen zingen in een vreemd land; Ps 137)
b. Je ervaart het als straf van God; Hij trekt zich terug; je verootmoedigt je.
c. Je leert God op een nieuwe manier kennen. Hij blijkt ook de God van Babel, en ook daar is Hij aan het werk.
d. Je trekt als minderheid meer op elkaar aan; en maakt er werk aan om een duidelijke christelijke identiteit te behouden.
e. Je komt tot de ontdekkking dat je het geloof en God niet erg mist, en dat Babel ook heel veel te bieden heeft. Langzaam maar zeker raak je je geloof kwijt.
Geef ieder de tijd deze 5 opties te overdenken, en er één te kiezen die je voor jezelf heel sterk herkent, en één die je juist niet herkent.
Iedereen geeft eerst aan welke opties je gekozen hebt. Daarna bespreek je dat samen.

c. Wel in de wereld, niet van de wereld
Lees samen Daniël 6: 11.
Daniël leefde en werkte in Babel, maar de focus van zijn leven was gericht op Jeruzalem en het herstel van het koninkrijk van God. Hij leefde in de wereld, maar hij was niet van de wereld.
Bespreek nu de volgende vragen:
– Geef voorbeelden van echt in Babel leven (en je dus aanpassen aan de cultuur en gewoonten) van Daniël, de drie vrienden en Ester.
Geef ook voorbeelden uit je eigen leven. Heb je ook wel eens het gevoel dat je je teveel of te weinig aanpast? Op welke punten?
– Geef voorbeelden waaruit blijkt dat Daniel, de drie vrienden en Ester echt durfden kiezen tegen de gewoonten van Babel, en waaruit bleek dat ze niet van deze wereld waren, maar dat ze gingen voor God en zijn koninkrijk.
Geef ook voorbeelden uit je eigen leven. Maak je ook mee dat dat op weerstanden stuit of juist niet?

 

  1. Pluralisme en tolerantie

Lees Daniël 3: 13-18.
Het grote Babylonische rijk was zeer pluralistisch: allerlei volken, talen en religies bestonden naast elkaar. Met het gouden beeld (en de oven) wilde Nebukadnessar laten zien: je mag in dit land geloven wat je maar wilt (tolerantie), als je maar publiek buigt voor wat we gemeenschappelijk hebben: de macht en glorie van het Babylonische rijk.
Bespreek dit gedeelte aan de hand van de volgende vragen:
– Wat herken je van Nebukadnessar en zijn beeld in onze huidige samenleving?
– Maakt geloven in één Heer, die alleen alle macht heeft, je intollerant? Hoe komt het over als je alleen voor Jezus buigt, en daarom andere goden afwijst? Is het effect van zo’n geloof dat je inderdaad intollerant bent?
– De drie vrienden kennen weinig angst voor de koning, en spreken tamelijk vrijmoedig met hem. Waar haalden ze dat lef vandaan? Herken je iets van een soortgelijke houding in je eigen leven?

 

  1. Gebed

Pak er nog een keer de 5 manieren van reageren op ‘ballingschap’ bij die hierboven bij 2b. genoemd worden.
Formuleer samen bij elk van die manieren een aantal gebedspunten. Verdeel die punten en breng ze samen in gebed bij de Heer.

 

Achtergrondmateriaal

 

Bij de voorbereiding van deze preken zijn de volgende boeken gebruikt: